1.1 De vereniging draagt de naam: Badmintonvereniging De Ritte.
1.2 Zij heeft haar zetel in de gemeente Spijkenisse.
2.1 Organen van de vereniging zijn: het bestuur en de algemene ledenvergadering, alsmede alle overige personen en commissies, die krachtens de statuten door de algemene ledenvergadering belast zijn met een nader omschreven taak en aan wie daarbij door de algemene ledenvergadering beslissingsbevoegdheid is toegekend.
2.2 De organen van de vereniging als bedoeld in artikel 2.1 bezitten geen rechtspersoonlijkheid.
3.1 De vereniging is opgericht op 26 mei 1972 te Spijkenisse.
Zij is nadien aangegaan voor onbepaalde tijd.
3.2 Het boekjaar van de vereniging loopt van 1 september tot en met 31 augustus.
4.1 De vereniging stelt zich ten doel het doen beoefenen en het bevorderen van de badmintonsport in al zijn verschijningsvormen.
4.2 De vereniging tracht dit doel onder meer te bereiken door:
4.2.1 het lidmaatschap te verwerven van de Nederlandse Badminton Bond,
in deze statuten nader aan te duiden als: de bond;
4.2.2 deel te nemen aan de door de bond georganiseerde of goedgekeurde
competities en andere wedstrijden;
4.2.3 wedstrijden te organiseren;
4.2.4 evenementen op het gebied van de badmintonsport te organiseren.
5.1 Leden zijn natuurlijke personen, die op hun verzoek als lid door het bestuur zijn toegelaten.
5.2 De verenigingsleden worden onderscheiden in:
5.2.1 senioren: degenen die op eenendertig augustus van het lopende boekjaar
achttien jaar of ouder zijn.
5.2.2 jeugdleden: degenen die op eenendertig augustus van het lopende
boekjaar jonger dan achttien jaar zijn.
5.3 De in artikel 5.2 genoemde categorieën kunnen in andere reglementen nader worden onderverdeeld.
5.4 Personen die door de bond zijn ontzet uit het lidmaatschap van de bond kunnen niet als lid van de vereniging worden toegelaten.
5.5 In geval van niet-toelating door het bestuur kan op verzoek van de betrokkene alsnog door de eerstvolgende plaatsvindende algemene ledenvergadering tot toelating worden besloten.
5.6 Op voorstel van het bestuur kan de algemene ledenvergadering een lid wegens zijn bijzondere verdiensten voor de vereniging tot erelid of lid van verdienste benoemen.
6.1 Het lidmaatschap eindigt door:
6.1.1 overlijden van het lid;
6.1.2 opzegging door het lid;
6.1.3 opzegging door het bestuur namens de vereniging;
6.1.4 ontzetting (royement), als bedoeld in artikel 8.6.
6.2 Opzegging namens de vereniging kan geschieden wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten voor het lidmaatschap te voldoen voor zover deze door de statuten worden gesteld, of wanneer hij zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsmede wanneer van de vereniging redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
6.3 Ingeval een lid uit het lidmaatschap van de bond wordt ontzet, is de vereniging reeds op die grond verplicht om na kennisneming van het uitgesproken royement de betrokkene met onmiddellijke ingang als lid van de vereniging te schorsen en na het onherroepelijk worden van het uitgesproken royement door opzegging tot onmiddellijke beëindiging van het lidmaatschap van de vereniging over te gaan.
6.4.1 Wanneer een lid het lidmaatschap van de bond heeft opgezegd, danwel
wanneer de bond aan het lid het lidmaatschap van de bond heeft opgezegd, wordt
door de vereniging aan betrokkene het lidmaatschap van de vereniging opgezegd.
6.5 De vereniging is bevoegd om na beëindiging van het lidmaatschap
van een lid, anders dan door zijn of na opzegging van haar lidmaatschap van
de bond namens de betrokkene diens lidmaatschap van de bond op te zeggen.
De vereniging draagt voor deze opzegging steeds onverwijld zorg overeenkomstig
de ter zake geldende voorschriften van de bond.
6.6 Opzegging van het lidmaatschap door het lid of namens de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van het boekjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van zes weken, behoudens het geval bedoeld in artikel 6.2.
6.7 Een opzegging in strijd met het onder 6.6 bepaalde doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgende op de datum, waartegen was opgezegd.
6.8 Een opzegging als bedoeld in artikel 6.3 dient te geschieden binnen een maand nadat het bedoelde besluit aan het lid is bekend geworden of is medegedeeld.
6.9 Behalve in geval van overlijden wordt een lid dat heeft opgezegd,
geacht nog lid te zijn tot ten hoogste het eind van het boekjaar volgend op
dat waarin werd opgezegd, zolang hij niet heeft voldaan aan zijn geldelijke
verplichtingen ten opzichte van de vereniging, of zolang enige aangelegenheid
waarbij hij betrokken is, niet is afgewikkeld, de tenuitvoerlegging van een
opgelegde straf daarin begrepen.
Gedurende deze periode kan de betrokkene geen rechten uitoefenen, met uitzondering
van het recht om binnen de gestelde termijnen in beroep te gaan.
7.1 De leden zijn verplicht:
7.1.1 de statuten en reglementen van de vereniging, alsmede de besluiten
van de organen vermeld in artikel 2.1 na te leven;
7.1.2 de belangen van de vereniging niet te schaden;
7.1.3 de statuten, de reglementen en/of besluiten van organen van de
bond, alsmede de van toepassing zijnde wedstrijdbepalingen na te leven en zich
te onthouden van handelingen of gedragingen, waardoor de belangen van de badmintonsport
in het algemeen en die van de bond in het bijzonder op onredelijke wijze worden
benadeeld;
7.1.4 bij hun toetreding het lidmaatschap van de bond aan te vragen;
de vereniging is bevoegd om een natuurlijk persoon als lid aan te melden bij
de bond; het bestuur draagt voor deze aanmelding steeds onverwijld zorg, overeenkomstig
de ter zake geldende voorschriften van de bond.
7.2 Het bestuur is verplicht om elke persoon die het recht heeft bij de vereniging op een andere dan incidentele basis, de badmintonsport te beoefenen bij de bond aan te melden als bondslid.
7.3 Een lid kan de toepasselijkheid van een besluit, waarbij andere verplichtingen dan van geldelijke aard zijn verzwaard, met inachtneming van het bepaalde in artikel 6.8 door opzegging van het lidmaatschap te zijnen opzichte uitsluiten.
7.4 Door de vereniging kunnen in naam van de leden geen verplichtingen worden aangegaan, dan nadat het bestuur daartoe door de algemene ledenvergadering vertegenwoordigingsbevoegdheid is toegekend.
8.1 In het algemeen zal strafbaar zijn elk handelen of nalaten in strijd met de statuten, reglementen en/of besluiten van de organen van de vereniging, of waardoor de belangen van de vereniging worden geschaad.
8.2 Tevens zal strafbaar zijn elk handelen of nalaten dat in strijd is met de statuten, reglementen -wedstrijdbepalingen daaronder begrepen- en/of met besluiten van organen van de bond, of waardoor de belangen van de badmintonsport in het algemeen en van de bond in het bijzonder worden geschaad.
8.3 Voor zover deze bevoegdheid niet aan een eigen commissie, belast
met de tuchtrechtspraak, is opgedragen, is het bestuur bevoegd om, in geval
van overtredingen als bedoeld in artikel 8.1, alsmede in geval van overtreding
van de wedstrijdbepalingen, de volgende straffen op te leggen:
8.3.1 berisping;
8.3.2 tuchtrechterlijke boetes;
8.3.3 schorsing;
8.3.4 ontzetting (royement).
8.4 Tuchtrechterlijke boetes kunnen worden opgelegd tot de bij reglement vastgestelde maxima.
8.5 Schorsingen kunnen worden opgelegd voor de bij reglement aangegeven maximum perioden. Gedurende de periode dat een lid geschorst is, heeft hij geen toegang tot een algemene ledenvergadering en kan hij aldaar niet aan de stemming deelnemen, terwijl hem bovendien gedurende deze periode ook andere aan het lidmaatschap verbonden rechten kunnen worden ontzegd.
8.6 Ontzetting (royement) kan alleen worden uitgesproken indien een lid in ernstige mate in strijd met de statuten, reglementen en/of besluiten van de organen van de vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
8.7 Ontzetting (royement) kan slechts door het bestuur worden uitgesproken.
8.8 Nadat het bestuur tot ontzetting (royement) heeft besloten, wordt het betrokken lid ten spoedigste door middel van een aangetekend schrijven van het besluit, met opgave van redenen, in kennis gesteld.
8.9 De betrokkene is bevoegd binnen één maand na ontvangst van deze kennisgeving in beroep te gaan bij de algemene ledenvergadering, die in haar eerstvolgende vergadering met meerderheid beslist. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst, met dien verstande dat de betrokkene voor het voeren van verweer toegang heeft tot de eerstvolgende algemene ledenvergadering en bevoegd is aldaar het woord te voeren.
8.10 In geval van overtredingen, als bedoeld in artikel 8.2, is het betrokken lid onderworpen aan de bepalingen van het Tuchtreglement van de bond, vastgesteld door de algemene vergadering van de bond.
9.1 Met uitzondering van de onder 9.2 bedoelde geschillen worden geschillen tussen leden van de bond onderling voor zover deze samenhangen met de beoefening van de badmintonsport in de ruimste zin van het woord, met uitsluiting van de burgerlijke rechter beslecht door de Arbitragecommissie van de bond, zulks met inachtneming van het daartoe bepaalde in het Arbitragereglement van de bond.
9.2 Voor zover de onder 9.1 bedoelde geschillen zijn ontstaan uit een door een bondslid met een sponsor gesloten overeenkomst worden deze geschillen voorgelegd aan de Arbitragecommissie Sportsponsoring van de Nederlandse Sportfederatie en de Vereniging Sportsponsoring Nederland, welke geschillen zullen worden beslecht overeenkomstig het reglement van de Arbitragecommissie Sportsponsoring van deze organisaties.
10.1 De geldmiddelen van de vereniging bestaan uit:
10.1.1 contributie van de leden;
10.1.2 ontvangsten uit wedstrijden;
10.1.3 andere inkomsten.
10.2 De leden zijn jaarlijkse gehouden tot het betalen van contributie,
welke door de algemene ledenvergadering zal worden vastgesteld.
De leden kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld, die een verschillende
contributie betalen.
10.3 Wanneer het lidmaatschap in de loop van het boekjaar eindigt, blijft niettemin de contributie voor het gehele jaar verschuldigd.
10.4 Ereleden en leden van verdienste zijn vrijgesteld van de verplichting tot het betalen van contributie.
11.1 De vereniging kent behalve leden ook donateurs.
11.2 Donateurs zijn natuurlijke- of rechtspersonen die door het bestuur als donateur zijn toegelaten en die zich jegens de vereniging verplichten om jaarlijks een door het bestuur vastgestelde bijdrage te storten.
11.3 Donateurs hebben geen andere rechten of verplichtingen dan welke hun bij of krachtens de statuten zijn toegekend of opgelegd.
11.4 De rechten en verplichtingen van de donateur kunnen te allen tijde door de vereniging of de donateur door opzegging worden beëindigd, met dien verstande dat bij opzegging door de donateur de jaarlijkse bijdrage voor het lopende boekjaar voor het geheel verschuldigd blijft.
11.5 Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.
12.1 Het bestuur bestaat uit ten minste vijf meerderjarige personen, die door de algemene ledenvergadering uit de leden worden gekozen.
12.2 Het aantal bestuursleden wordt vastgesteld door de algemene ledenvergadering.
12.3 De voorzitter wordt in functie gekozen.
12.4 Tot aan de aanvang van de algemene ledenvergadering kunnen door het bestuur of door ten minste tien leden kandidaten worden gesteld voor de functie van bestuurslid.
12.5 Aan een kandidaatstelling kan het bindend karakter worden ontnomen door een met ten minste tweederde van de uitgebrachte stemmen genomen besluit van de algemene ledenvergadering.
12.6 Vindt geen kandidaatstelling plaats of besluit de algemene ledenvergadering overeenkomstig het onder 12.5 gestelde om aan de kandidaatstelling het bindend karakter te ontnemen, dan is de algemene ledenvergadering vrij in haar keus.
12.7 Ieder bestuurslid treedt vier jaar na zijn verkiezing af volgens een door het bestuur op te maken rooster. Aftredende bestuursleden zijn terstond herkiesbaar.
12.8 Bij een tussentijdse vacature wordt:
12.8.1 zo mogelijk binnen zes weken voorzien in de vacature indien het
bestuur door de vacature uit minder dan vijf leden bestaat;
12.8.2 tot de eerstvolgende algemene ledenvergadering de taak tijdelijk
opgedragen aan een functionaris ad-interim, indien het bestuur door de vacature
nog uit ten minste vijf leden bestaat.
12.9 Wie in een tussentijdse vacature, zoals bedoeld in artikel 12.8.1 is gekozen, neemt op het rooster van aftreden de plaats van zijn voorganger in.
12.10 De functionaris ad-interim, zoals bedoeld in artikel 12.8.2, woont gedurende de waarneming de bestuursvergaderingen bij en heeft daarin ook stemrecht.
12.11 In haar eerste bestuursvergadering na een bestuursverkiezing verdeelt het bestuur in onderling overleg de overige functies en stelt zij voor elk bestuurslid diens taak vast en doet hiervan, hetzij in het verenigingsblad, hetzij door middel van een schriftelijke kennisgeving mededeling aan alle leden.
12.12 Ieder bestuurslid is tegenover de vereniging gehouden tot een behoorlijke vervulling van de hem opgedragen taak. Indien het een aangelegenheid betreft die tot de werkkring van twee of meer bestuursleden behoort, is ieder van hen hoofdelijk aansprakelijk tegenover de vereniging, tenzij hij bewijst dat de tekortkoming niet aan hem te wijten is en dat hij niet nalatig is geweest in het treffen van maatregelen om de gevolgen daarvan af te wenden.
12.13 De algemene ledenvergadering kan een bestuurslid als lid van het
bestuur schorsen of ontslaan, indien zij daartoe termen aanwezig acht. Voor
een daartoe strekkend besluit is een meerderheid vereist van ten minste tweederde
van de uitgebrachte geldige stemmen.
Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot
ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
13.1 Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.
13.2 Indien het aantal bestuursleden beneden vijf is gedaald, blijft het bestuur bevoegd. Het is echter verplicht overeenkomstig het bepaalde in artikel 12.8 te voorzien in tussentijdse vacatures.
13.3 Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door commissies waarvan de leden door het bestuur worden benoemd en ontslagen.
Artikel 14 Bestuursvergaderingen
14.1 Tenzij het bestuur anders bepaalt, vergadert het bestuur wanneer de voorzitter of twee andere bestuursleden dit verlangen.
14.2 Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, indien geen bestuurslid zich tegen deze wijze van besluitvorming verzet en alle bestuursleden aan deze besluitvorming deelnemen.
14.3 Alle besluiten, daaronder begrepen de besluiten als bedoeld in artikel 14.2, worden genomen met meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen, mits voor wat de in vergadering genomen besluiten betreft de meerderheid van de in functie zijnde bestuursleden aanwezig is.
14.4 Blanco-stemmen zijn ongeldig.
14.5 Over elk voorstel wordt afzonderlijk en mondeling gestemd, tenzij de voorzitter of een bestuurslid anders wenst.
14.6 Het door de voorzitter uitgesproken oordeel dat het bestuur een besluit heeft genomen, is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
14.7 Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het onder 14.6 bedoelde oordeel de juistheid daarvan betwist, dan wordt zonodig het te nemen besluit schriftelijk vastgelegd en vindt een nieuwe stemming plaats, indien een bestuurslid dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
14.8 Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris of een door het bestuur aangewezen notulist notulen gemaakt, die door de voorzitter en de notulist worden vastgesteld.
15.1 De vereniging wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door twee bestuursleden uit de drie bestuursfuncties: voorzitter, secretaris en penningmeester.
15.2 De vereniging wordt op de districtsvergadering van de bond vertegenwoordigd door een daartoe aan te wijzen vertegenwoordiger.
15.3 Het bestuur is, mits met voorafgaande goedkeuring van de algemene ledenvergadering, bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, het sluiten van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt.
15.4 Bestuursleden, aan wie krachtens deze statuten vertegenwoordigings-bevoegdheid is toegekend, oefenen deze bevoegdheid niet uit dan nadat tevoren een bestuursbesluit is genomen, waarbij tot het aangaan van de betrokken rechtshandeling of rechtshandelingen is besloten.
Artikel 16 Rekening en verantwoording
16.1 Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanig aantekening te houden dat daaruit ten allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
16.2 Het bestuur brengt -behoudens verlenging van deze termijn door
de algemene ledenvergadering- binnen zes maanden na afloop van het boekjaar
op een algemene ledenvergadering zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging
van de nodige bescheiden rekening en verantwoording over haar in het afgelopen
boekjaar gevoerd bestuur.
Bij gebreke hiervan kan, na afloop van de termijn, ieder lid deze rekening en
verantwoording in rechte van het bestuur vorderen.
16.3 Tenzij de algemene ledenvergadering op een andere wijze in het toezicht op het bestuur heeft voorzien, kiest de algemene ledenvergadering een financiële commissie, bestaande uit twee leden en een plaatsvervangend lid, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur.
16.4 De leden van de onder 16.3 bedoelde commissie worden gekozen voor de duur van twee jaar en treden volgens een op te maken rooster af. Zij zijn aansluitend herkiesbaar.
16.5 De financiële commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de algemene ledenvergadering verslag van haar bevindingen uit.
16.6 Het bestuur is verplicht aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas te tonen en inzage van de boeken en bescheiden van de vereniging te geven.
16.7 De opdracht aan de commissie kan te allen tijd door de algemene ledenvergadering worden herroepen, doch slechts door de verkiezing van een andere commissie.
16.8 Goedkeuring door de algemene ledenvergadering van het jaarverslag en de rekening en verantwoording strekt het bestuur tot décharge voor alle handelingen, voor zover die uit de jaarstukken blijken.
16.9 Het bestuur is verplicht de bescheiden als bedoeld in dit artikel tien jaar lang te bewaren.
Artikel 17 Algemene ledenvergadering
17.1 Jaarlijks zal uiterlijk zes maanden na afloop van het boekjaar
een algemene ledenvergadering (jaarvergadering) worden gehouden.
17.2 De agenda voor deze vergadering bevat onder meer:
17.2.1 bespreking van de notulen van de vorige algemene ledenvergadering;
17.2.2 jaarverslag van de secretaris;
17.2.3 behandeling en vaststelling van de jaarstukken;
17.2.4 vaststelling van de contributies;
17.2.5 vaststelling van de begroting;
17.2.6 voorziening in vacatures;
17.2.7 rondvraag.
17.3 Voorts worden algemene ledenvergaderingen gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.
17.4 Het bestuur is op schriftelijk verzoek van tenminste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van ééntiende gedeelte van de stemmen verplicht tot het bijeenroepen van een algemene ledenvergadering op een termijn van niet langer dan vier weken.
17.5 Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg is gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan met inachtneming van het bepaalde in het volgend lid.
17.6 De algemene ledenvergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur met inachtneming van een termijn van ten minste veertien dagen. De dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend.
17.7 De bijeenroeping geschiedt in het verenigingsblad of door middel van een aan alle leden te zenden schriftelijke kennisgeving, zulks onder gelijktijdige vermelding van de agenda, of door middel van een advertentie in ten minste één , ter plaatse waar de vereniging haar zetel heeft, veelgelezen dag- of weekblad. Geschiedt de bijeenroeping door middel van een advertentie , dan wordt de agenda voor de leden op een daartoe geschikte plaats ter inzage gelegd en wordt daarvan melding gemaakt in de advertentie.
Artikel 18 Toegang en besluitvorming algemene ledenvergadering
18.1 Toegang tot de algemene ledenvergadering hebben de in artikel 5.2.1 genoemde leden, voor zover zij niet ten tijde van de vergadering als lid zijn geschorst.
18.2 De voorzitter kan tevens toegang verlenen aan andere dan de onder artikel 18.1 bedoelde personen.
18.3 De in artikel 18.1 bedoelde leden zijn stemgerechtigd. Zij brengen ieder één stem uit.
18.4 Ieder stemgerechtigd lid is bevoegd zijn stem te doen uitbrengen door een schriftelijk gemachtigd ander stemgerechtigd lid dat echter in totaal niet meer dan twee stemmen kan uitbrengen.
18.5 Tenzij anders in deze statuten is bepaald, worden besluiten genomen met een meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen.
18.6 Onder meerderheid wordt verstaan meer dan de helft van de uitgebrachte geldige stemmen.
18.7 Als ongeldige stemmen worden aangemerkt uitgebrachte stemmen of
stembiljetten die, naar het oordeel van de voorzitter:
18.7.1 blanco zijn;
18.7.2 zijn ondertekend;
18.7.3 onleesbaar zijn;
18.7.4 een persoon niet duidelijk aanwijzen;
18.7.5 de naam bevatten van een persoon die niet kandidaat gesteld is;
18.7.6 voor iedere verkiesbare plaats meer dan één naam
bevatten;
18.7.7 meer bevatten dan een duidelijke aanwijzing van de persoon die
is bedoeld.
18.8 Alle stemmingen over zaken geschieden mondeling, over personen schriftelijk, tenzij de voorzitter zonder tegenspraak uit de vergadering een andere wijze van stemmen bepaalt of toelaat.
18.9 In geval van meerdere vacatures wordt over iedere vacature afzonderlijk gestemd.
18.10 Indien bij een stemming over personen bij de eerste stemming niemand
de meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen heeft verkregen, wordt een
tweede stemming gehouden.
Verkrijgt ook bij deze stemming niemand de meerderheid van de uitgebrachte geldige
stemmen, dan vindt herstemming plaats over de personen die het hoogste aantal
stemmen hebben verkregen.
18.11 Heeft slechts één persoon het hoogste aantal stemmen
verkregen, dan vindt herstemming plaats over hem en degene die het op één
na hoogste aantal stemmen heeft verkregen.
Zijn er meer personen die het op één na hoogste aantal stemmen
hebben verkregen, dan vindt over hen eerst een tussenstemming plaats om uit
te maken wie de kandidaat wordt voor de herstemming.
18.12 Zowel bij de tussenstemming als bij de herstemming(en) is hij
gekozen die de meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen heeft verkregen.
Staken bij deze stemmingen de stemmen, dan beslist het lot.
18.13 Indien de stemmen staken over een voorstel dat niet de verkiezing
van personen betreft, is het verworpen.
18.14 Een ter vergadering door de voorzitter uitgesproken oordeel, dat een besluit is genomen, is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
18.15 Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het onder 18.14 bedoelde oordeel de juistheid daarvan betwist, dan wordt zodanig het te nemen besluit schriftelijk vastgelegd en vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid der vergadering, of indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een lid dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
Artikel 19 Bevoegdheden algemene
ledenvergadering
19.1 Aan de algemene ledenvergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of door de statuten aan het bestuur of andere organen zijn opgedragen.
Artikel 20 Leiding en notulering algemene ledenvergadering
20.1 De algemene ledenvergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur. Bij afwezigheid van de voorzitter treedt en ander door het bestuur aan te wijzen bestuurslid als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de algemene ledenvergadering daarin zelf.
20.2 Van het verhandelde in elke algemene ledenvergadering worden door de secretaris of een door het bestuur aangewezen notulist notulen gemaakt. De notulen worden, na vaststelling door de voorzitter en de notulist, in het verenigingsblad gepubliceerd of op een andere wijze ter kennis van de leden gebracht en worden in de eerstvolgende algemene ledenvergadering besproken.
Artikel 21 Algemene reglementen
21.1 De algemene ledenvergadering kan reglementen vaststellen en wijzigen, waarin de taken en bevoegdheden van de organen nader kunnen worden geregeld.
21.2 De reglementen mogen niet in strijd zijn met de wet noch met de statuten.
22.1 De statuten kunnen slechts worden gewijzigd door een besluit van de algemene ledenvergadering, waartoe werd opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld.
22.2 Zij, die de oproeping tot de algemene ledenvergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste veertien dagen voor de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag, waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien wordt de voorgestelde wijziging ten minste veertien dagen voor de vergadering in het verenigingsblad gepubliceerd en/of een afschrift hiervan op diens verzoek aan een lid ter beschikking gesteld.
22.3 Een besluit tot statutenwijziging behoeft ten minste tweederde van de uitgebrachte geldige stemmen, in een vergadering waarin ten minste tweederde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is. Indien geen tweederde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is, wordt binnen vier weken daarna een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden, waarin over het voorstel, zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden, een besluit kan worden genomen, mits met een meerderheid van ten minste tweederde van de uitgebrachte geldige stemmen.
22.4 Een besluit tot statutenwijziging behoeft bovendien voorafgaande goedkeuring van de bond.
22.5 Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat voldaan is aan het in artikel 22.4 bepaalde en van de statutenwijziging een notariële akte is opgemaakt. Van dit tijdstip wordt mededeling gedaan in het verenigingsblad.
22.6 Ieder bestuurslid is afzonderlijk tot het doen verlijden van deze akte bevoegd.
23.1 De vereniging voert onderstaand logo.

Het stelt een R voor en is groen van kleur met daarin een shuttle.
De horizontale uitlopers stellen de voormalige kreekverbinding De Ritte
in Spijkenisse voor en is blauw van kleur.
23.2 De vlag van de vereniging is samengesteld uit een geheel wit veld met daarin het logo van de vereniging.
Artikel 24 Ontbinding en vereffening
24.1 De vereniging wordt ontbonden door een daartoe strekkend besluit van de algemene ledenvergadering, genomen met ten minste tweederde van het aantal uitgebrachte geldige stemmen in een vergadering waarin ten minste drievierde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is
24.2 Het bepaalde in de artikelen 22.2 t/m 22.4 is van overeenkomstige toepassing.
24.3 Indien bij het besluit tot ontbinding geen vereffenaars zijn aangewezen, geschiedt de vereffening door het bestuur.
24.4 De algemene ledenvergadering bepaalt de bestemming van een eventueel batig saldo.
24.5 Na de ontbinding blijft de vereniging voortbestaan voor zover dit
tot vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven
de bepalingen van de statuten en reglementen voor zover mogelijk van kracht.
In stukken en aankondigingen die van de vereniging uitgaan, moeten aan haar
naam worden toegevoegd de woorden: in liquidatie.
Goedgekeurd en vastgesteld in de algemene ledenvergadering van 15 december 1988.
Notarieel gepasseerd op 29 mei 1989.
Eerste wijziging goedgekeurd en vastgesteld in de algemene ledenvergadering van 15 april 1992.
Tweede wijziging goedgekeurd en vastgesteld in de algemene ledenvergadering van 6 maart 2000.
Notarieel gepasseerd op 28 maart 2000
ALGEMEEN REGLEMENT
1.1 Aanmelding voor het lidmaatschap van de vereniging door de in artikel 5.1 van de Statuten bedoelde natuurlijke personen geschiedt door de indiening bij het bestuur van een ingevuld en ondertekend aanmeldingsformulier en voor seniorleden onder bijsluiting van een recente pasfoto.
1.2 Het door het bestuur vastgestelde aanmeldingsformulier dient tenminste
de volgende gegevens te bevatten:
1. Naam
2. Voornamen
3. Roepnaam
4. Adres en woonplaats
5. Geboortedatum
6. Soort lidmaatschap
7. Datum aanvrage
8. Handtekening aspirant-lid en bij minderjarigen de handtekening van een van
de ouders/voogd.
1.3 Wanneer het ledenaantal zulks rechtvaardigt, kan het bestuur een ledenstop instellen en aspirant-leden op een wachtlijst plaatsen.
1.4 Het bestuur besluit binnen twee maanden op het verzoek tot toelating en doet hiervan schriftelijk mededeling aan het aspirant-lid.
1.5 Een afwijzing behoeft niet met redenen te worden omkleed. Het bestuur is echter verplicht het afgewezen lid te wijzen op de mogelijkheid van beroep overeenkomstig artikel 5.5 van de Statuten.
1.6 De in artikel 5.6 van de Statuten bedoelde ereleden en leden van verdienste verkrijgen, voor zover zij nog geen lid van de vereniging zijn, het lidmaatschap door toekenning van bedoeld predikaat.
1.7 Ereleden en leden van verdienste hebben overeenkomstig artikel 18.2
van de Statuten toegang tot de ledenvergadering.
Daarnaast hebben zij tevens vrije toegang tot alle wedstrijden welke door de
vereniging worden georganiseerd.
1.8 Leden, ereleden en leden van verdienste ontvangen bij toelating een exemplaar van de Statuten en het Algemeen Reglement.
1.9 Leden zijn verplicht eventuele adreswijzigingen schriftelijk te
melden aan het bestuur.
Het correspondentieadres is vermeld in het infoblad van de vereniging.
1.10 Mededelingen en andere stukken, toegezonden aan de van hen bekende adressen, zijn voor de leden bindend.
1.11 Voor een voorstel t.b.v. de benoeming van het erelidmaatschap overeenkomstig
het bepaalde in artikel 5.6 van de Statuten neemt het bestuur de hierna volgende
criteria in acht:
1. Betrokkene dient zich op bijzonder eervolle wijze onderscheiden te hebben
voor de badmintonsport en/of de vereniging.
2. De extra inzet boven hetgeen normaliter van een Rittelid (bestuurs- of commissielid)
verwacht mag worden.
3. De trouw en toewijding aan de vereniging over een langere periode.
4. De bijdrage aan de verbetering en het aanzien van de vereniging in het algemeen.
(Gedurende zeer vele jaren bepalen van het gezicht van de vereniging).
5. De graad van belangeloosheid met betrekking tot de voorafgaande criteria.
1.12 Voor een voorstel t.b.v. de benoeming van een lid van verdienste
overeenkomstig het bepaalde in artikel 5.6 van de Statuten neemt het bestuur
de hierna volgende criteria in acht:
1. Betrokkene dient zich bijzonder verdienstelijk gemaakt te hebben voor de
vereniging.
2. De inzet over een langere periode waarin betrokkene de beste krachten aan
de vereniging heeft gegeven in het bestuur of een kommissie
2.1 Het bestuur benoemt uit haar midden de vice-voorzitter.
2.2 De vice-voorzitter neemt bij ontstentenis of verhindering van de voorzitter diens taken en bevoegdheden waar.
2.3 De voorzitter is, onder verantwoordelijkheid van het bestuur, belast
met en verantwoordelijk voor:
1. De vaststelling van de data, frequentie en leiding van de bestuursvergaderingen.
2. De vaststelling van de orde van de bestuursvergadering, behoudens het recht
van de vergadering om daarin wijziging aan te brengen.
3. De uitschrijving op de statutair bepaalde uiterste datum en leiding van de
algemene ledenvergadering.
4. De vaststelling van de orde van de ledenvergadering, behoudens het recht
van de vergadering om daarin wijziging aan te brengen.
5. Het sluiten van de beraadslagingen met het concluderen van het besluit in
de bestuurs- en algemene ledenvergadering wanneer hij van mening is dat de vergadering
voldoende is ingelicht, doch is verplicht deze te heropenen indien eenderde
van de aanwezige leden het verlangen hiertoe kenbaar maakt.
6. Het optreden als officieel vertegenwoordiger van de vereniging, tenzij hij
aan iemand anders deze taak heeft opgedragen.
7. Het voorzitterschap van het dagelijks bestuur van de vereniging.
Het dagelijks bestuur bestaat uit voorzitter, secretaris en penningmeester.
8. De algehele verantwoording en verzorging van alle eventueel voorkomende kontakten
welke betrekking hebben op de gang van zaken met betrekking tot de sportaccommodaties.
9. Het verstrekken van alle gewenste informatie aan medebestuurders en in principe
aan alle leden van de vereniging.
10. Het bijwonen van de voorzitters-overleg-vergaderingen welke uitgaan van
of namens de N.B.B.
11. De algehele verantwoording voor de algemene bestuurlijk-, financiële,
sportieve en overige zaken van de vereniging als geheel.
12. De algehele verantwoording en de coördinatie van geldwervingsacties
in welke zin, aard en vorm dan ook.
13. De algehele zorg in de coördinatie van alle functionerende onderdelen
van de vereniging zoals deze in de vereniging in de verschillende disciplines
voorkomen.
14. De beleidsvoorbereiding en beleidsbepaling.
2.4 De secretaris is onder verantwoordelijkheid van het bestuur belast
met en verantwoordelijk voor:
1. Het behandelen van alle correspondentie van de vereniging en de zorg voor
een correcte verspreiding daarvan.
2. Het informeren van het bestuur tijdens de bestuursvergaderingen over alle
inkomende en uitgaande correspondentie. .
3. Het beheer van het ledenregister.
4. Het opstellen van de notulen van bestuurs- en ledenvergaderingen en de verspreiding
hiervan.
5. De zorg voor het verenigingsarchief.
6. Het opstellen van het algehele jaarverslag.
7. Het opstellen van de agenda voor de bestuursvergaderingen en ledenvergaderingen,
alsmede de verspreiding hiervan.
8. Het verstrekken van alle informatie aan medebestuursleden en in principe
aan alle leden.
9. Het bijhouden en de zorg voor de afdoening van het draaiboek/de checklist
van periodieke bestuurswerkzaamheden.
10. Het tijdig informeren van de leden omtrent de in de bestuursvergadering
genomen besluiten.
11. De beleidsvoorbereiding en beleidsbepaling.
12. Het opstellen van de jaarlijkse activiteitenkalender.
2.5 De penningmeester is onder verantwoordelijkheid van het bestuur
belast met en verantwoordelijk voor:
1. Het beheer van de verenigingsgelden.
2. Het administreren van de financiële gang van zaken op erkende boekhoudkundige
wijze op tijdige, juiste en volledige wijze.
3. Het toezicht op het gebruik van de verenigingsgelden.
4. Het opstellen van tussentijdse periodieke financiële rapportages.
5. Het opstellen van de financiële jaarverslagen en van de begroting.
6. Het behandelen van andere financiële aangelegenheden.
7. Het bijeenroepen van de financiële kommissie teneinde de financiële
administratie van de vereniging te laten controleren.
8. Het tijdig verspreiden en innen van de contributienotas.
9. Het maximaal in kas hebben van een bedrag in contanten van maximaal 2.500,00
gulden of 1.134,45 euro.
Het meerdere dient zo spoedig mogelijk gestort te worden op de bank- of girorekening
van de vereniging.
10. De verstrekking van de spelerspassen aan de leden.
11. De beleidsvoorbereiding en beleidsbepaling.
2.6 De overige leden verdelen de overige taken onderling overeenkomstig artikel 12.11 van de Statuten.
2.7 Over de uitvoering van deze taken wordt verantwoording afgelegd in de bestuursvergaderingen.
2.8 Het bestuur kan een lid van het bestuur overeenkomstig artikel 12.12
van de Statuten op non-actief stellen in afwachting van een schorsings- of ontslagprocedure
als bedoeld in artikel 12.13 van de Statuten.
Het bestuursbesluit dient binnen drie maanden gevolgd te worden door een besluit
van de algemene ledenvergadering.
Artikel 3 Bestuursvergaderingen
3.1 De vergadering wordt uitgeschreven door de voorzitter die tevens de agenda vaststelt.
3.2 Elk bestuurslid kan de secretaris verzoeken onderwerpen op de agenda te plaatsen. Dit verzoek wordt vergezeld van een toelichting.
3.3 De secretaris draagt zorg voor een schriftelijke oproep voor de vergadering met inachtneming van een termijn van tenminste vijf werkdagen.
3.4 De oproep voor de vergadering vermeldt de te behandelen onderwerpen en wordt vergezeld van de bijbehorende toelichtingen.
3.5 De agenda voor elke bestuursvergadering bevat ondermeer:
1. Bespreking van de notulen van de vorige bestuursvergadering
2. Afdoening van de actiepunten van de vorige bestuursvergadering.
3. Mededelingen.
4. Behandeling inkomende- en uitgaande correspondentie
5. Wijzigingen in het ledenbestand.
6. Voorstellen van de kommissies.
7. Verslagen van de kommissies.
8. Financiële verantwoording van de kommissies.
9. Rondvraag
3.6 De secretaris maakt een verslag van de bestuursvergadering.
3.7 Het verslag van de bestuursvergadering bevat:
1. De namen van de voorzitter en de secretaris.
2. De namen van de aanwezige- en afwezige leden.
3. De zakelijke, in beknopte vorm weergegeven, inhoud van het besprokene.
4. Een aanduiding van het besluit.
5. De naam van het bestuurslid welke actie dient te ondernemen.
3.8 Bij verschil van mening tussen de bestuursleden kan zowel het gevoelen van de minderheid als dat van de meerderheid in het verslag worden opgenomen.
3.9 Het verslag van een bestuursvergadering wordt zoveel mogelijk voor het houden van de eerstvolgende bestuursvergadering aan de leden van het bestuur toegezonden.
3.10 Het verslag van een bestuursvergadering wordt zoveel mogelijk in de eerstvolgende bestuursvergadering vastgesteld.
3.11 Over voorstellen tot wijziging van het verslag beslist het bestuur.
3.12 Voorstellen tot wijziging van een verslag behoeven niet te worden ondersteund.
3.13 Het verslag wordt na vaststelling overeenkomstig het bepaalde in artikel 14.8 van de Statuten ondertekend.
3.14 Bij stemmingen heeft elk bestuurslid één stem.
Het stemrecht mag niet door middel van een machtiging worden uitgeoefend.
4.1 De algemene ledenvergadering kan één of meer kommissies benoemen met algemene of bijzondere opdrachten.
4.2 Het bestuur kan zich overeenkomstig artikel 13.3 van de Statuten, onder zijn verantwoordelijkheid, ter voorbereiding en/of uitvoering van zijn taken en door hem genomen besluiten, doen bijstaan door een of meerdere (advies-)kommissies.
4.3 De samenstelling en taak van een kommissie worden bij zijn besluit , waarbij deze wordt ingesteld, nader omschreven.
4.4 Het bepaalde in artikel 4 is van toepassing op alle kommissies in de vereniging, tenzij anders is of wordt bepaald bij reglement of door het orgaan dat de betreffende kommissie heeft ingesteld.
4.5 Als voorzitter van een kommissie zal een lid van het bestuur benoemd worden.
4.6 De kommissie wijst uit haar midden een plaatsvervangend voorzitter en een secretaris aan.
4.7 Het bestuur wordt geïnformeerd welke leden tot plaatsvervangend voorzitter en secretaris van de kommissie zijn aangewezen.
4.8 De leden van een kommissie worden overeenkomstig artikel 13.3 van de Statuten benoemd uit de leden van de vereniging en ontslagen door het bestuur.
4.9 De kommissie kan bij het bestuur leden ter benoeming in haar kommissie voordragen.
4.10 Ieder commissielid treedt twee jaar na zijn benoeming af volgens een door de kommissie op te maken rooster.
4.11 Aftredende commissieleden zijn aansluitend herbenoembaar.
4.12 De commissieleden kunnen tussentijds ontslag nemen.
4.13 In een tussentijdse vacature treedt het nieuwe lid in functie op de dag na zijn benoeming.
4.14 Commissieleden die in een tussentijdse vacature worden benoemd,
nemen op het rooster van aftreden de plaats van de voorganger in.
4.15 Commissieleden dienen meerderjarig te zijn.
4.16 Een kommissie vergadert zo dikwijls als haar voorzitter dit nodig oordeelt of tenminste de meerderheid van de zitting hebbende leden de wens hiertoe te kennen hebben gegeven.
4.17 In het laatst bedoelde geval wordt binnen een week na de kennisgeving een commissievergadering gehouden.
4.18 De commissievergaderingen worden uitgeschreven door de voorzitter die tevens de agenda vaststelt.
4.19 Elk commissielid kan de commissiesecretaris verzoeken onderwerpen
op de agenda te plaatsen.
Dit verzoek wordt vergezeld van een toelichting.
4.20 De secretaris draagt zorg voor (spoedeisende gevallen uitgezonderd) een schriftelijke oproep voor de commissievergadering met in achtneming van een termijn van tenminste drie werkdagen.
4.21 De oproep voor de commissievergadering vermeldt de te behandelen onderwerpen en wordt vergezeld van de bijbehorende toelichtingen.
4.22 Van het houden van een commissievergadering wordt kennisgeving gedaan aan het bestuur onder vermelding van de in die vergadering te behandelen onderwerpen.
4.23 De agenda voor elke commissievergadering bevat tenminste:
1. Bespreking van de notulen van de voorafgaande vergadering.
2. Afdoening van de actiepunten van die vergadering.
3. Toelichting van de meest recente bestuursvergadering/-besluiten.
4. Mededelingen.
5. Behandeling inkomende- en uitgaande correspondentie.
6. Wijzigingen in het ledenbestand.
7. Voorstellen aan het bestuur onder vermelding van de financiële gevolgen
en de dekking.
8. Afspraken met andere kommissies.
9. Te ondernemen acties naar geblesseerde of zieke leden.
10. Rondvraag.
4.24 De vergaderingen van een kommissie kunnen steeds worden bijgewoond door een of meer leden van het bestuur welke van de kommissie geen deel uitmaken.
4.25 De kommissie is bevoegd leden uit te nodigen haar vergadering bij te wonen, teneinde inlichtingen en adviezen te geven.
4.26 Deze inlichtingen en adviezen kunnen door de commissievoorzitter of de kommissie schriftelijk worden verlangd.
4.27 De kommissie is bevoegd ook buiten de in artikel 4.25 genoemde personen deskundigen te raadplegen en tot het bijwonen van haar vergadering uit te nodigen.
4.28 Indien aan de bijwoning zoals bedoeld in artikel 4.27 kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het bestuur vereist.
4.29 Bij stemmingen heeft elk commissielid één stem.
Het stemrecht mag niet door middel van een machtiging worden uitgeoefend.
4.30 Alle besluiten worden genomen met meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen, mits de meerderheid van de in functie zijnde commissieleden aanwezig is.
4.31 Bij verschil van mening tussen de commissieleden kan zowel het
gevoelen van de minderheid als dat van de meerderheid in het verslag worden
opgenomen.
4.32 De secretaris maakt een verslag van elke commissievergadering.
4.33 Het verslag van de commissievergadering bevat tenminste:
1. De namen van de voorzitter en de secretaris.
2. De namen van de aanwezige en afwezige leden.
3. De namen van de in artikel 4.24 bedoelde bestuursleden.
4. De namen van de in artikel 4.25 en 4.27 bedoelde leden en personen.
5. De zakelijke, in beknopte vorm weergegeven, inhoud van het besprokene.
6. Een aanduiding van het genomen besluit.
7. De naam van het commissielid welke actie hierop dient te ondernemen.
4.34 Het verslag van een commissievergadering wordt zoveel mogelijk voor het houden van de eerstvolgende commissievergadering toegezonden aan commissieleden en het bestuur.
4.35 Het verslag van een commissievergadering wordt zo mogelijk in de eerstvolgende commissievergadering vastgesteld.
4.36 Over voorstellen tot wijziging van het verslag beslist de kommissie.
4.37 Voorstellen tot wijziging van een verslag behoeven niet te worden ondersteund.
4.38 Het verslag wordt na vaststelling ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de kommissie.
4.39 Alle correspondentie welke van een kommissie uitgaat aan het bestuur,
wordt door haar voorzitter en secretaris ondertekend.
Alle uitgaande correspondentie van de vereniging wordt uitsluitend, overeenkomstig
artikel 2.4, verzorgd door het bestuur.
4.40 Jaarlijks zendt de kommissie uiterlijk in de maand januari de plannen voor de activiteiten in het nieuwe verenigingsjaar met de begroting aan het bestuur.
4.41 Uiterlijk in de maand maart wordt het jaarplan en de begroting door het bestuur goedgekeurd.
4.42 De kommissie wordt schriftelijk door het bestuur in kennis gesteld van de goedgekeurde plannen en de begroting.
4.43 De kommissie is bevoegd uitgaven te doen ten behoeve van haar activiteiten binnen het door het bestuur goedgekeurde jaarplan en de begroting.
4.44 De kommissie kan aanspraak maken op en de penningmeester is bevoegd tot het toekennen van een voorschot.
4.45 De kommissie is verplicht eenmaal per kwartaal aan het bestuur financiële verantwoording af te leggen onder overlegging van de betaalbewijzen.
4.46 Na afloop van het verenigingsjaar wordt door de kommissie een jaarverslag opgemaakt.
4.47 Het jaarverslag dient tenminste te bevatten:
1. Samenstelling en taakverdeling van de kommissie.
2. Overzicht vergaderingen.
3. Alle activiteiten en namen van eventuele winnaars met uitslagen.
4.48 Het jaarverslag wordt uiterlijk in de maand augustus toegezonden aan het bestuur.
4.49 De secretaris draagt zorg voor de afdoening van het
draaiboek/de checklist van periodieke kommissie werkzaamheden.
5.1 De contributies, entreegelden en andere bijdragen worden door de algemene ledenvergadering vastgesteld op haar voorstel of op voorstel van het bestuur
5.2 De contributie van nieuwe tot het lidmaatschap toegelaten leden is verschuldigd met ingang van de eerste dag van de maand waarin het lid is toegelaten.
5.3 Het bestuur stelt jaarlijks het aantal termijnen waarin de contributie voldaan dient te worden en de vervaldata vast.
5.4 Het bestuur informeert de algemene ledenvergadering omtrent het bepaalde in artikel 5.3.
5.5 Het bestuur is gerechtigd in bijzondere gevallen betalingsregelingen met leden te treffen.
5.6 Het bestuur geeft in de algemene ledenvergadering een overzicht van de financiële toestand van de vereniging, onder overlegging van een balans en een staat van baten en lasten
over het afgelopen verenigingsjaar.
5.7 De rekening en verantwoording wordt, overeenkomstig het bepaalde
in de artikelen 16.2, 17.6 en 17.7 van de Statuten met inachtneming van een
termijn van ten minste veertien dagen op een in de oproep te vermelden plaats
ter inzage gelegd.
Uitsluitend op een daartoe strekkend verzoek aan het bestuur worden genoemde
stukken aan de leden ter beschikking gesteld.
5.8 De algemene ledenvergadering besluit elk jaar, op voorstel van het
bestuur, welke bestemming wordt gegeven aan een eventueel batig saldo van het
afgelopen jaar.
5.9 De ontwerpbegroting voor het nieuwe verenigingsjaar wordt met de
daarbij behorende memorie van toelichting overeenkomstig het bepaalde in de
artikelen 17.6 en 17.7 van de Statuten met de vergaderstukken aan de leden ter
beschikking gesteld.
5.10 Het bestuur draagt zorg voor de beschikbaarstelling tijdens de algemene ledenvergadering aan de aanwezige leden van de stukken zoals bedoeld in de artikelen 5.7 en 5.9.
5.11 Aan de leden van het bestuur en de leden van de in artikel 4 genoemde kommissies en aan andere naar het oordeel van het bestuur daarvoor in aanmerking komende personen, worden reiskosten vergoed uit de kas van de vereniging.
5.12 Aan de in artikel 5.10 genoemde personen kan uit de kas van de vereniging een onkostenvergoeding worden toegekend.
5.13 De in artikel 5.10 genoemde personen ontvangen een vergoeding voor de door hen ten behoeve van de vereniging gemaakte kosten.
5.14 Het bestuur stelt de richtlijnen voor alle vergoedingen vast en beslist zonodig over de redelijkheid van de declaraties.
5.15 Declaraties dienen bij de penningmeester te worden ingediend op de door hem vastgestelde en bekendgemaakte wijze, zulks binnen drie weken nadat de kalendermaand is verstreken waarin de uitgaven zijn gedaan.
5.16 Over later ingediende declaraties zoals bedoeld in artikel 5.14 beslist het bestuur of en wanneer betaling zal plaatsvinden.
6.1 Sponsoring geschiedt bij een overeenkomst, waarbij de ene partij (de sponsor) geld, goederen of een op geld waardeerbare prestatie levert, waartegen de vereniging een nader te omschrijven tegenprestatie, voortvloeiende uit de sportbeoefening, verschaft.
6.2 Sponsoring dient altijd in een schriftelijke overeenkomst te worden vastgelegd.
6.3 In een sponsorovereenkomst mogen nimmer bepalingen zijn opgenomen welke in strijd zijn met de Statuten en reglementen, alsmede de belangen van de vereniging.
6.4 In een sponsorovereenkomst dienen tenminste geregeld cq vermeld
te worden:
1 De naam en woonplaats van de betrokken partijen.
2 De wederzijdse rechten en verplichtingen van de partijen.
3 De duur van de overeenkomst
4 De wijze van verlengen van de overeenkomst.
5 De wijze van beëindigen van de overeenkomst.
Artikel 7 Accommodaties, oefeningen en wedstrijden.
7.1 De aan de vereniging beschikbaar gestelde accommodaties zijn beschikbaar in de perioden, dagen en tijden welke door het bestuur worden vastgesteld.
7.2 De sportzaal mag uitsluitend betreden worden op blote voeten of op sportschoeisel dat geen beschadigingen of strepen veroorzaakt.
7.3 De spelers hebben 15 minuten vóór aanvang van de speelavond
toegang tot de kleedruimten.
7.4 Uiterlijk 20 minuten na beëindiging van de speelavond dienen
de sportzaal, kleed- en doucheruimten ontruimd te zijn.
7.5 Het is niet toegestaan:
1. Dat dames en heren gemeenschappelijk gebruik maken van één
kleed-/doucheruimte.
2. Sportschoeisel te gebruiken dat tevens als straatschoeisel wordt gebruikt.
3. Dieren mee te brengen in het gehele sportcomplex.
4. Consumpties te nuttigen in het sportcomplex. (Met uitzondering van de kantine).
5. Sportkleding te dragen waarvan in redelijkheid kan worden aangenomen dat
deze niet voor de badmintonsport geschikt is.
6. Jassen en sporttassen in de kantine te plaatsen. (Uitgezonderd jassen aan
de hiervoor bestemde kapstok).
7.6 Het gebruik van magnesium, krijt of soortgelijke stoffen is toegestaan, mits de vloer na gebruik ervan wordt gereinigd.
7.7 De sportzaal, kleed-/doucheruimten dienen in opgeruimde en nette
staat achter gelaten te worden.
Netten, palen en shuttles dienen gedeponeerd te worden in de daarvoor aangewezen
ruimten/kasten.
Papier, afval e.d. dienen gedeponeerd te worden in de daarvoor bestemde afvalbakken.
7.8 Alle aanwijzingen van of namens de beheerder van het sportcomplex in het belang van de goede orde of met het oog op het behoud van de toestand van het sportcomplex en voorts alle overige aanwijzingen krachtens de algemene voorwaarden tot het gebruik van de accommodatie gegeven, dienen stipt en terstond te worden opgevolgd.
7.9 Alle klachten, op- of aanmerkingen, alsmede wensen met betrekking
tot de voorzieningen in het sportcomplex dienen gemeld te worden aan het bestuur.
7.10 Jaarlijks wordt door de Nederlandse Badminton Bond aan elk lid een
bondskaart verstrekt. Daarnaast ontvangen de seniorleden van de vereniging een
spelerspas voor reservering van speeltijd.
7.11 Verstrekking van de spelerspas geschiedt nadat de (eerste termijn van de) contributienota is voldaan.
7.12 Het is niet toegestaan aan de sportbeoefening deel te nemen zonder geldige spelerspas.
7.13 Bij elke vorm van de sportbeoefening kan door of namens het bestuur verlangd worden een geldige spelerspas of bondskaart te tonen.
7.14 Wanneer geen geldige spelerspas of bondskaart overlegd kan worden, kan betrokkene door of vanwege het bestuur de deelname aan de sportbeoefening ontzegd worden.
7.15 Bij het zoekraken van een spelerspas dient bij het bestuur een
nieuwe spelerspas aangevraagd te worden.
Desgewenst dient hierbij een recente pasfoto overlegd te worden.
7.16 Voor de verstrekking van een nieuwe spelerspas zijn administratiekosten verschuldigd.
7.17 Bij het zoekraken van een spelerspas kan het lid op de eerstvolgende oefendag een vervangende spelerspas in bruikleen ontvangen.
7.18 Aspirant-leden kunnen maximaal twee maal kosteloos deelnemen aan
de reguliere speelavonden.
Hierna beslissen zij over het wel/niet indienen van het in artikel 1.1 bedoelde
aanmeldingsformulier.
7.19 Aspirant-leden en/of introducés dienen een introductie-spelerspas
aan te vragen tijdens de speelavond.
7.20 Vervangende en introductie spelerspassen zijn verkrijgbaar bij het
bestuur
7.21 Jaarlijks worden in de algemene ledenvergadering de vergoeding als bedoeld in artikel 7.16 vastgesteld.
7.22 Reservering van speeltijd geschiedt door plaatsing van de spelerspas in het corresponderende vak in de spelreserveringskast.
7.23 De speelavond is verdeeld in speelperioden van 20 minuten.
De aanvangs- en eindtijden van de speelperioden worden in twee groepen verdeeld
met een onderling verschil van 10 minuten.
7.24 De aanvang en het einde van de speelperioden wordt door middel van een automatisch akoestisch signaal aangegeven.
7.25 Eerst na het onder artikel 7.24 bedoelde signaal kan opnieuw gereserveerd
worden.
Het is niet toegestaan dat spelers voortijdig de baan verlaten teneinde opnieuw
te reserveren.
7.26 Het gebruik van andere dan onder artikel 7.10 aangegeven spelerspas danwel de spelerspas van een andere lid is nimmer toegestaan.
7.27 Door of namens het bestuur kunnen zonodig banen voor training en/of competitiegebruik gereserveerd worden.
7.28 Reserveringen als bedoeld in artikel 7.27 worden aangegeven door plaatsing van reserveringspassen in de spelreserveringskast.
7.29 Het bestuur is belast met de organisatie van de speel-/oefen- en wedstrijddagen.
7.30 Het bestuur is gemachtigd maatregelen te treffen welke geacht kunnen
worden in het belang te zijn van een goed en vlot verloop van de speeldagen.
7.31 Het bestuur bepaalt aan welke wedstrijden en kompetities door of namens de vereniging wordt deelgenomen.
7.32 Het bestuur is belast met de samenstelling van de teams en de aanwijzing van de aanvoerder.
7.33 De vereniging stelt zich niet aansprakelijk voor enig letsel opgedaan tijdens vastgestelde oefening- en wedstrijdtijden of voor het verlies, beschadiging of vervreemding van persoonlijke eigendommen.
7.34 Het bestuur is gemachtigd eventuele schade, aangebracht aan de aan de vereniging ter beschikking gestelde accommodaties, te verhalen op de leden welke die schade hebben veroorzaakt.
81. Het bestuur kan onderscheidingen in het leven roepen welke zullen gaan dienen voor personen die om wat voor redenen dan ook niet in aanmerking kunnen komen voor het erelidmaatschap of lid van verdienste.
8.2 Personen die op een bepaalde wijze werkzaam zijn geweest en die door hun bijdrage de ontwikkeling van de vereniging daadwerkelijk hebben helpen bevorderen, kunnen hiervoor in aanmerking komen
8.3 Personen die bijzondere wedstrijdverdienste/-prestaties hebben geleverd, kunnen eveneens voor een onderscheiding in aanmerking komen.
9.1 Het bestuur is gerechtigd afzonderlijke reglementen vast te stellen welke een goede organisatie bevorderen.
9.2 De onder 9.1 bedoelde reglementen behoeven instemming in de eerstvolgende algemene ledenvergadering.
9.3 In alle gevallen waarin de Statuten en dit reglement niet voorzien, of in geval enig artikel voor verschillende uitleg vatbaar wordt geacht, beslist het bestuur.
9.4 Dit reglement treedt in werking de dag volgende op die waarin het werd goedgekeurd en vastgesteld in de algemene ledenvergadering.
9.5 Met de vaststelling van dit reglement vervalt :
1. Het huishoudelijk reglement van 1 oktober 1973.
2. Het reglement van orde van 11 maart 1986.
3. Het baanreglement van 19 augustus 1991.
4. Het spelerspasreglement van 19 augustus 1991.
Goedgekeurd en vastgesteld in de algemene ledenvergadering van:
6 maart 2000.